Cijfers en interpretaties

Een jaar is weer voorbij. Tijd om terug te blikken en vooruit te kijken. Wat kan beter, wat kan anders en ga zo maar door. En dat geld niet alleen voor de cursus die ik organiseer en geef, maar ook voor de lunches, het vervoer, de onderkomens, waar kan ik mijzelf in verbeteren. En dan ook de websites. Alles kan altijd beter is mijn motto en doelstelling.

Ik concentreer me in deze blog even op de websites en in het bijzonder dan op degene die je nu bezoekt. Aan de ene kant staat het onderbuik gevoel en aan de andere kant de cijfers. Cijfers die nooit liegen alleen moet je ze wel kunnen interpreteren.

Cijfers 1

Hierboven zie je een aantal cijfers afkomstig uit Google analytics. En dan kun je zien dat ik gemeten van 12 februari 2011 tot 12 februari 2012 19.801 unieke bezoekers op mijn website heb gehad. Dat zijn er best wel veel. Ik laat expres een overzicht over een jaar zien. Niet over een maand. Dat kan veel variatie opleveren. In een jaar tijd zitten echter ook alle seizoens invloeden verwerkt. In januari wordt mijn site veel beter bezocht dan in november bijvoorbeeld.

  • Over een jaar verspreid bekijken de bezoekers gemiddeld 7,4 pagina’s. Dat is hoog, daar komen niet veel websites aan. Kennelijk is de informatie interessant voor de bezoekers. Die conclusie trek ik daaruit.

  • De gemiddelde tijd op de site is ook niet verkeerd die is maar liefst 3,5 minuut. Deze kan echter verder opgesplitst worden. Maar eerst laat ik je zien hoe de verdeling van de bezoekers per land is.

Cijfers 2

Het grootste aantallen bezoekers komt uit Nederland. Dat is logisch en deze cijfers ga ik niet uitleggen. Ook is het logisch dat België op de tweede plaats staat. De tijd dat Belgen echter op de site blijven is een minuut korter dan bij de Nederlanders. Dat is gek! Ik kan dat niet verklaren. En ook lezen ze gemiddeld per bezoek anderhalve pagina minder. Het beste lezen de Duitsers met 9 pagina’s per bezoek. Waarom? Geen idee want mijn site is toch Nederlandstalig. Duitse degelijkheid?

Cijfers 3

Dingen die ik wel kan verklaren zijn de volgende. Het feit dat safari zo hoog staat in de lijst met besturing systemen van degene die mijn website bezoeken is wel logisch. Ik heb veel geschreven over de ongemakken van Apple. Over de schermen van de I-Mac en het kalibreren ervan. Deze berichten zijn her en der op het internet gevonden en verspreid geraakt. Dus veel Apple bezitters komen een keer op mijn site uit als ze op zoek zijn naar informatie hoe de typische Apple problemen te omzeilen. Firefox en Chrome worden echt veel meer gebruikt dan Safari. Aan de andere kant staat dat aardig wat van mijn cursisten zitten Apple gebruikers zijn.

Cijfers 4

Dan is de vraag hoe komen mensen naar mijn site toe? Door welke zoekopdrachten? Met welke woorden? Hierboven zie je de zoekwoorden top 10. Ik ken iemand die erg blij ervan zal worden dat mijn website het best scoort met „test Hema batterijen”. Ja, jullie mogen best sponsoren hoor daar vanuit de Tompoucen fabriek in Amsterdam, geen probleem. Dankzij mij verkopen jullie meer batterijen. Dat weet ik zeker. Want het is een positieve test van mij uit over Hema oplaadbare batterijen die dus veel en goed gelezen wordt.

Grappig is dat mijn site iets minder vaak wordt gevonden dan te zoeken op „test Hema batterijen”. Ik sta er keurig netjes achter op een tweede plaats. Is niet slecht vergeleken met de veel grotere organisatie Hema. daar kan ik nooit tegenop. De derde plaats is voor statieven tests. En dat is iets waar een gedachte exact goed bleek te zijn van mij. Ooit had ik een keer een onderbuik gevoel dat je nergens tests over statieven kon vinden. Echt nergens. Wel over camera’s en objectieven, maar nergens over statieven en de bijbehorende statiefkoppen. In deze cijfers vind ik de bevestiging terug dat ik dat goed aangevoeld heb destijds. Statieven tests staan ook nog een keer op plaats 6 en 10. Kennelijk is de behoefte hieraan erg groot. En zo te zien is er dan een grote kans dat je op mijn website uitkomt.

Het woordje test lijkt het ook goed te doen. Dat moet ik dus nog vaker gaan verwerken in de toekomst in de geschreven teksten en kopjes. Niet in tags of al dat soort onzin, want daar trappen de search bots van Google niet meer in. Sinds de porno industrie op internet overal een tag Britney Spears aan toevoegde heeft men bij Google de waardering en zoekfuncties drastisch omgegooid. Taggen en meta tags doe ik nooit! Het heeft geen enkele zin.

Cijfers 5

Welke pagina’s worden het best bezocht? Uiteraard is mijn index pagina het best bezocht. daarop kom je meestal binnen, behalve als je via googelen iets hebt gezocht en gevonden. Resultaten cursisten 2010 blijkt erg populair. Op de derde plaats staat „Patrick Kijkt” mijn blog. En dat is voor mij heel erg interessant. Ik vind zelf namelijk dat ik vaak wel risico’s neem met mijn blogs. Ik schrijf altijd wat ik denk of vind. En dat zal niet altijd in even goede aarde vallen. Of toch wel? Dat is niet te meten en dat vind ik vervelend. Ik wil geen potentiële cursisten afschrikken. Ik ben niet zo erg! Mensen die mij kennen kunnen dat denk ik wel beamen. Recht door zee en inderdaad geen blad voor de mond. Met eerlijkheid kom je het verst.

9138 pagina weergaven voor mijn blogje vind ik veel. Het wordt dus wel goed gelezen! Met een uitroepteken, omdat ik mij vaak afvraag of het wel zin heeft om te bloggen. Maar waarom? 9138 pagina weergaven? Om mijn uitgesproken mening? Omdat ik zinnige verhalen en/of opmerkingen maak? De cijfers vertellen mij dat niet. Het blijft dus gokken en interpreteren. Conclusies kan ik er niet uit trekken. Moet ik voorzichtiger gaan schrijven omdat ik mensen misschien afstoot en geen cursus bij me willen volgen? Of moet ik lekker zo doorgaan omdat mensen het graag lezen en zo’n eigenwijze man wel kunnen waarderen? Ik weet het niet. Zelf houd ik het maar op het eerste. Soms heb ik het gevoel dat mensen het iets te vinden. Reacties hierop zijn welkom. En aan de andere kant, lekker mijzelf zijn is ook best wel wat waard. Ik ben niet voor niets naar Frankrijk vertrokken.

Leuk is om te zien dat veel meer op Nikon gezocht wordt op mijn website dan Canon, terwijl de markt aandelen anders verdeeld zijn. Het kan niet liggen dat ik meer aandacht besteed aan Nikon vergeleken met Canon want ik hou keurig in de gaten dat het aantal besproken producten op de website ongeveer gelijk zijn. Hoe dit dus te interpreteren? Omdat ik positiever ben over Nikon dan over Canon? Zijn Nikon gebruikers nieuwsgieriger? Of zijn Canon gebruikers eigenwijzer? Ik weet het niet. Wat ik wel weet is het volgende.

Cijfers 6

72% van de bezoekers is vrouw en slechts 28% is man. Wauw dat zijn verschillen. Deze data zijn afkomstig van Facebook (doe ik ook nog), daar Google deze data niet kent. Maar ik zie dezelfde verhoudingen terug in de mensen die bij mij aan tafel zitten voor het volgen van een Digitale Fotografie Vakantie cursus. De grootste massa zit in de leeftijd categorie 35-44 jaar. Grappig. Want dat link ik weer aan een website die ik toevallig vond afgelopen week van een oud leraar van mij, Jurjen Drenth. Een sympatiek man en ontzettend aardig. Hij heeft wel een truc van mij gestolen tijdens mijn opleiding als leraar, iets wat ik hem geleerd heb als leerling, maar daarom niet minder sympatiek. Hij doet ook iets met fotografie en reizen en hij schreef op zijn website dat de gemiddelde leeftijd van zijn cursisten 52 jaar zijn. Vond ik wel slim van hem. Bij mij ligt de gemiddelde leeftijd een een stuk lager. Het scheelt zowat een generatie qua leeftijd. De hamvraag is, hoe zou dat komen? Zijn prijzen zijn veel hoger! Zou dat het zijn? Ik denk het wel. Maar ja, ik ben veel beter. Hahahahaha..... niet in cijfers uit te drukken.

Ik heb weer genoeg geïnterpreteerd. En zijn er nog adverteerders geïnteresseerd in een bannertje op mijn site die 19.100 unieke bezoekers willen aanspreken? jullie zijn welkom. Mail me maar en we komen er wel uit. Over testresultaten valt niet te onderhandelen. Dat dan weer niet! Ik blijf schrijven wat ik wil en wat ik vind.

Als fotografie je handel is dan schiet je hier 100% midden in de doelgroep. Want dat blijft me wel verbazen. Ik schrijf positief en negatief over producten, diensten en opleidingen. Dat Fotovakschool Apeldoorn geen banner op mijn website wil plaatsen dat snap ik ook wel. Ik heb ze helemaal de grond in geschreven a la Youp.
Maar dat Nikon, Focus, PocketWizard en andere merken en of winkels zich niet melden of een samenwerking met me aangaan? Als ik Nikon was geweest had ik al lang de stal hier letterlijk en figuurlijk vol gepropt met Nikon spullen. Om te gebruiken, te lenen en in geval van kapot gaan. Daar begrijp ik helemaal niets van. Beter uithangbord dan mij kunnen ze niet krijgen. Wat ook geldt voor Focus. Maar ja ik heb er al een keer een blog over geschreven lang geleden. De fotohandel blijft lekker slapen. Verbazingwekkend!

Ik niet, ik ben altijd bezig, met mijn vak, met mijn tientallen cursisten per jaar (nee ik meld geen exacte aantallen), mijn boek wat ik aan het schrijven ben, mijn websites en de getalletjes die erachter zitten. facebook, twitteren het hoort er allemaal bij.
En ik maai jaarlijks ook nog eens 140.000 vierkante meter gras, minimaal. Speel gemiddeld twee uur per dag met mijn kinderen, kook 2 keer per week, slaap 6 uur per dag (te weinig in ieder geval) en kus mijn vrouw gemiddeld vier keer dag. Misschien ben ik wel de idioot, maar ik slaap in ieder geval niet.

0 Comments

Ansel Adams, in alles het maximum

Ansel Adams ( 1902 - 1984) was een Amerikaans fotograaf. Beroemd geworden door zijn landschappen gemaakt in Amerikaanse natuurparken. Loop een willekeurige poster winkel binnen en er hangt of staat wel een Ansel Adams. is het daarom goed? Nee, niet daarom. Wel omdat hij grensverleggend bezig is geweest met de fotografie naar een hoger niveau te tillen. Alles wat hij deed was gericht op het maximale uit de foto te halen, in die tijd nog een negatief. En in een tijd dat de te gebruiken materialen nog niet zo goed waren, heeft hij zelf een aantal hulpmanieren ontwikkeld om toch tot maximale resultaten te bereiken.

Het beroemdst is hij geworden( naast zijn foto’s) door het door hem ontwikkelde zone systeem wat gebruikt kon worden met zwart wit fotografie. Van licht tot donker werd een foto ingedeeld door Adams ingedeeld in tien verschillende zones. Door consequent werken zou de uiteindelijk afgedrukte foto maximale contrasten en kwaliteit moeten tonen. Veel hing ook af van het aanpassen van de ontwikkeltijden van films in de donkere kamer. Revolutionair voor die tijd en inmiddels door de komst van digitale fotografie totaal achterhaald.


Ansel Adams 1942
Ansel Adams 1942 Yoshemite valley

Bovenstaande foto geeft een eerste en goede indruk waar Ansel Adams zo goed is was. Alles is doortekend. Het is dat dit internet is en de afbeelding niet groot genoeg weergegeven kan worden, maar anders zou je dat zelf ook kunnen zien. Ook de ogenschijnlijke zwarte bergen laten in het echt een onwaarschijnlijke doortekening zien. En bedenk dat dit gefotografeerd is in 1942. De tijd dat zwart/wit films nog echt niet zo goed waren. Waarom kreeg Ansel Adams dit wel voor elkaar en anderen niet?

Omdat hij tot aan de grens van de mogelijkheden ging en als dat niet genoeg was dan verzon hij zelf wel iets waardoor de grens een stukje opschoof. Eén deel van de perfectie kwam door het zone systeem, deel twee van zijn onnavolgbare techniek is minder bekend. Adams drukte zijn foto’s af in een door hem zelf ontwikkelde vergroter. In deze vergroter zaten 100 kleine lampjes. Die kon hij middels een controle paneel met 100 draaiknoppen naast zijn vergroter allen harder of zachter laten branden. Ieder lampje was afzonderlijk instelbaar. Kijk naar de bovenstaande foto en je snap meteen hoe Adams met relatief slechte films toch bovenstaande foto’s kon maken. In de lucht een beetje zachter laten branden, in de berg een beetje harde laten branden enzovoorts. Bovenstaande foto was opgedeeld in 100 segmenten. En ieder segment kon aangepast worden. Onnodig om te zeggen dat Adams zijn tijd ver vooruit was op zoek naar de technische perfectie. En wat een werk zal het geweest zijn. Maar ja, als je voor perfectie gaat dan kost het tijd.

De perfectie die zich laat omschrijven als alles doortekend. Hoge lichten, donkere partijen, ze zijn doortekend. En vaak was ook alles scherp. Ansel Adams had een vriendenclubje die tezamen het F/64 fotoclubje vormden. Het kleinste diafragma wat men toen op de objectieven aanwezig was. Met als doel, alles scherp fotograferen. Dus deze twee tezamen zijn de foto’s van Adams makkelijk te omschrijven. Alles scherp en alles doortekend. Het is een manier. Je houdt ervan of niet. Ik wel.

Adams boom

Wanneer wij nu een foto van een boom zouden moeten maken, worden we helemaal krankjorum van het hoge contrast wat er in de bovenstaande foto van de boom aanwezig is. Ansel Adams lostte het echter keurig op door precies en nauwkeurig te werken. Met zijn zone systeem en later in de doka met zijn zeer special vergroter. de foto laat keihard licht zien. En kijk eens goed hoe de lichte partijen inclusief wolken gewoon doortekend zijn. Wij zouden met onze digitale camera’s hele grote zwarte partijen in onze foto krijgen. Niet te doen om zo’n foto te maken. De enige camera die een beetje in de buurt kan komen is de Nikon D-7000. Die kan met behulp van Active D lighting en contrast verlaging dit aardig benaderen. Maar vergeet niet, we zijn inmiddels wel meer dan 60 jaar verder. En er is maar één camera die dit een beetje zou kunnen.

ansel-yosemite


Meer van hetzelfde, maar het blijft fantastisch om naar te kijken. Het is niet het toppunt van creativiteit, daar zijn andere fotografen beter in geweest, maar technisch gezien is dit ongeëvenaard fotowerk. Ik blijf zeggen dat je de foto’s heel groot moet zien om te beseffen hoe goed het is. De foto’s komen hier helaas niet ten volle tot hun recht.

Of je ervan houdt of niet, je moet deze fotograaf kennen. Technisch gezien is niemand beter dan Adams. Nog steeds niet. En daarom reken ik hem tot een van de grootste fotografen. Heel specifiek, maar toch.

0 Comments

Foto's die niemand kan maken

Pretentieuze titel? Nee echt niet. Misschien is het je ontgaan, misschien ook niet, maar Nederland heeft sinds een maand een astronaut in de ruimte. Zijn naam is André. Niet onze Andé, die zit gewoon ergens in Oost Azië. Nee nu gaat het over André Kuipers. Wat is hier zo leuk aan behalve dan dat hij een half jaar gewichtloos door de ruimte heen zweeft?

André maakt mooie foto’s en zet deze op Flickr. En echt geloof me nu maar, het zijn foto’s die jij en ik nooit zullen maken. En vandaar de blog titel. In eerste instantie zou je kunnen denken: „ hoezo zal ik dat soort foto’s nooit maken?” Nou kijk zelf maar in zijn stream. http://www.flickr.com/photos/astro_andre/

Gezien? Dan snap je waarom wij nooit dit soort foto’s zullen maken. André Kuipers is afgereisd met een Nikon D2Xs ( best een oude camera) en maakt bijzondere foto’s. En hij is zo aardig om ze met ons te delen. Gemaakt op een plek waar wij nooit zullen komen, het ruimte station ISS. En dat vind het nog wel het meest unieke eraan. Wij weten met zeer grote waarschijnlijkheid dat we nooit de kans zullen krijgen om deze tak van fotografie te bedrijven. Jammer? Ja, maar we mogen wel meekijken. En dat is ook gaaf. Soms is een beetje mee genieten al net zo fijn.

Vliegen op een stofzuiger. Elke zaterdag filters schoonzuigen en oppervlaktes reinigen.

Ik heb hem inmiddels als contact toegevoegd. Ik vind het al erg gaaf om te zien wat hij de eerste maand bij elkaar heeft gefotografeerd vanuit de ruimte. Ik ben benieuwd wat hij de komende 5 maanden er nog aan toe gaat voegen. Vreemd ook om te bedenken dat hij foto’s naar Flickr upload vanuit de ruimte. De afstand tot aarde dat hij door de ruimte zweeft is maar iets van 450 kilometer, maar toch. Hier nog een foto. Ik heb ze van zijn Flickr account afgehaald en naar ik mag aannemen zal hij dat niet erg vinden. Hij zal toch graag willen dat zoveel mogelijk mensen zijn foto’s zien?

Alle zonnepanelen wijzen naar Rotterdam en de Maasvlakte in het centrum. In de open plek tussen de wolken

Wel zie ik dat André zijn flitser verkeerd gebruikt. Ik denk dat ik hem een les draadloos flitsen ga aanbieden als hij weer terug op aarde is. Zeker als je naar de eerste foto kijkt, dan moet en kan dat veel mooier uitgelicht worden. Geen A licht op jezelf zetten André. Lijkt me wel gaaf met zwevende flitsers werken, of zou het juist erg lastig zijn? Dat iedere keer je licht wegzweeft...
Ik ga André een flitsfotografie cursus aanbieden. Zijn foto’s zijn interessant en prachtig maar het flitsen moet beter worden.

Hallo Andé, hallo Andre..... Pebru calling ISS station, ben je klaar voor je eerste les flitsen? Volgens mij wordt dat dan de eerste keer dat iemand les krijgt in de ruimte. Historisch! Lijkt me wel wat. Internetten doe ik toch ook al via de satelliet, dus het signaal gaat pal langs hem heen. Hij hoeft het alleen maar even ter plekke af te tappen. Nou ja zo heb je wel weer genoeg gedroomd Patrick. Even terug op aarde.

Hoe dan ook, ga allemaal even zijn stream bekijken en klik hem aan als contact. André Kuipers maakt echt unieke foto’s die gezien moeten worden.
0 Comments

Lesje fotografie geschiedenis

Algemeen wordt aangenomen dat Daguerre (Fransman) de eerste foto ter wereld heeft gemaakt. Dat zou in 1838 zijn geweest. Best al een tijdje geleden. Dat jullie nu fotograferen hebben jullie te danken aan deze meneer. Niet de uitvinder van de fotografie, maar wel man van het uitvinden om op een snellere manier te kunnen fotograferen. Een gemiddelde belichtingstijd van 8 uur is niet echt heel erg werkzaam. Stel je voor dat je dan nog een belichtingstrapje van mij moet schieten.

Daguerre was de uitvinder van het fotograferen op platen. Gebruik makende van ongezonde hulpmiddelen als kwikdampen, maar het werkte wel.

Daguerre

Dit is naar men aanneemt zijn eerste foto. Is natuurlijk niet helemaal waar, want om op dit punt te komen heeft Daguerre uiteraard veel moeten experimenteren. Maar voor 1838 is dit helemaal geen verkeerde foto. Kijk eens wat een detaillering er al in zit. En ook Daguerre was al bezig met: „ als ik een foto maak, dan wel graag met mooi licht”. Ik vind het een spectaculair goede foto gezien het tijdsbeeld.

Ruim daarvoor was Joseph Niepce ( ook al een Fransman) bezig met het ontwikkelen van fotografie, leuke woordspeling. In 1816 maakt hij al foto’s maar die gingen verloren naderhand omdat het vastgelegde beeld niet gefixeerd kon worden. De belichting ging dus verder nadat de opname al gestopt was. En als hij maar lang genoeg wachtte was het gemaakt beeld uiteindelijk helemaal verloren.
In 1826 maakte hij een foto op een plaat bedekt met asfalt! Asfalt? Ja, asfalt ( bitumen). Dit was de doorbraak. Nog niet qua scherpte en detaillering, maar deze foto kon wel worden gefixeerd en daardoor kunnen we er nu nog naar kijken.

Niepce

De bovenstaande foto is de eerste echte foto. Hij is bewaard gebleven doordat de bitumen gefixeerd konden worden. En ik denk dat dit toch wel de essentie van fotografie is. Beelden maken die je ook later kunt laten zien of terugkijken. Technisch minder goed dan de foto van Daguerre, maar er zit wel 10 jaar ontwikkeling tussen. Kijk eens wat er gebeurd is in 10 jaar digitale fotografie. Het is bijna met elkaar te vergelijken.

23 jaar later was het de Schotse natuurkundige Maxwell die het voor elkaar kreeg om de eerste kleurenfoto te maken. In 1861.

Maxwell

Maxwell belichtte zijn foto’s ook op platen, film bestond nog niet en zou ook nog een tijdje op zich laten wachten. Hij toonde aan, voor het eerst, dat je met de kleuren rood groen en blauw in principe alle kleuren kunt weergeven. Maxwell was dus de uitvinder van de primaire kleurentheorie (RGB).
Maxwell maakt van bovenstaande foto ( een schotse ruit in een rok) drie opnamen. Iedere opname met een ander filter voor de lens (R-G-B). Nadat de stoffen ontwikkeld waren ging hij ze projecteren. Afdrukken zat er nog niet in, projecteren wel. Hij legde de drie opnamen over elkaar heen en en projecteerde de afbeeldingen met behulp van Rood, Groen en Blauw licht. Het resultaat was de eerste kleurenprojectie. Een giga uitvinding waar wij nu nog steeds gebruik van maken. Knap he?

0 Comments

The Bang bang club

Ik kijk naar een film en vind dat jullie die ook moeten zien. The Bang bang club. Een film over fotografen. Een harde film over vier fotografen die het nieuws fotograferen in het zeer onrustige en gevaarlijke Zuid Afrika in beeld brengen nog voordat apartheid werd afgeschaft. De vier fotografen, Kevin Carter ( Winnaar Pulitzer prijs), Greg Marinovich (winnaar Pulitzer prijs), Ken Oosterbroek en Joao Silva fotograferen de rellen, moorden en wantoestanden in de zwarte townships. Met gevaar voor eigen leven.

kevin_carter
De foto waarmee Kevin Carter de Pulitzer prijs won.


Wanneer je wil weten hoe oorlogs- persfotografen werken, dan moet je The Bang bang club gaan kijken. Voor als je het andere verhaal wilt zien dat zich ook afspeelde in Zuid Afrika. Het andere verhaal dan dat van Nelson Mandela. Daarmee is het verhaal namelijk verre van compleet. Als je ook maar iets van politiek en sociaal geïnteresseerd bent. De bijna burgeroorlog wordt in beeld gebracht. Het barbaarse en onmenselijke geweld en haat tussen zwarten onderling waar zelfs vele Zuid Afrikanen inde jaren 90 geen weet van hadden wordt in beeld gebracht.

Het is een harde en confronterende film. De fotografie in de film klopt helemaal, ik heb geen fouten kunnen ontdekken. Bewonderenswaardig hoeveel aandacht hieraan is besteed. De fotografen zijn geen doetjes of lieverdjes. Ze zijn hard soms zelfs onsympathiek, maar ze strijden ergens voor en willen laten zien wat er werkelijk in Zuid Afrika afspeelt. En soms zijn het ook gewone en echte mensen. De vier zijn ook af en toe bijna gek, roekeloos en levensmoe. Als je deze film kijkt snap je waarom. Dagelijks zoveel moorden en bloed zien maakt je als mens afgestompt, hol, leeg en misschien wel gek. Soms zijn de foto’s zo hard dat de krantenredactie besluit de foto’s niet te plaatsen. Onderstaande foto van Greg Marinovich kon niet geplaatst worden in de Zuid Afrikaanse The Star. Wel in het buitenland. Het is een voorbeeld van een te confronterende foto. Later won Marinovich via een buitenlandse agentschap die die foto wel durfde te plaatsen er de Pulitzer prijs mee.

Greg Marinovich
De foto waarmee Greg Marinovich de Pulitzer prijs won


Ik heb zelf oorlogsfotografen (Kosovo en andere gebieden) gesproken en gevraagd waar een nieuw te bouwen Nikon digitale spiegelreflex aan moest voldoen. Diepe en moeilijke gesprekken. Met hele andere wensen voor een nieuw te bouwen camera dan voor jou en voor mij. Tijdens ieder gesprek keek ik in diepe, wazige en holle ogen. Hun persoonlijkheden waren raar en vreemd. Ze hadden teveel gezien. Meer dan een mens hebben kan om nog normaal te kunnen functioneren. Na het zien van deze film begrijp ik eindelijk waarom. Na al die jaren is voor mij de vraag beantwoord. Terwijl ik toch ook de foto’s heb gezien die rechtstreeks binnen kwamen op redacties als AP, Times, AFP en nog een hele lijst met redacties. Foto’s die nooit zullen worden geplaatst omdat ze te schokkend zijn. Ik had dus al een vermoeden kunnen hebben, en toch snap ik nu pas waarom de mannen (fotografen) zo waren zoals ze waren.

Kijk deze film. Zie een ander soort fotografie en zie waarom je dit niet zou willen en het leuker is om mooie foto’s te maken. Onze vorm van fotografie is ook een stuk gezonder en valt langer vol te houden. Leer een stuk geschiedenis van Zuid Afrika, die niet echt goed beschreven is. Het is te danken aan twee van de deze fotografen dat er wat meer bekend is geworden. Paolo en Marinovich hebben er een boek over geschreven. Op mij heeft het een diep indruk gemaakt. Fotografisch, het verhaal, de politiek en hoe mensen elkaar kunnen haten.

P.S.: Ik ben hartstikke tegen geweld en oorlogen. Ik vind het erg dom, maar toch moet je dit zien.

0 Comments